UNESCO-werelderfgoed Van Nelle Fabriek
ons mailadres | info@vannellewerelderfgoed.nl
Tijdlijn

 

  

 

 

 

 

 

 

 

 

ZONDER VERLEDEN GEEN TOEKOMST

   

 

NL

Op de onderliggende pagina's treft u een chronologisch overzicht aan van relevante aspecten en gebeurtenissen inzake het Rotterdams Modernisme.


E  

  Sub-pages: Timeline (1840-1963) with all the important moments in relation to Rotterdam Modernism or about the context of this development


D

Unterliegende Seiten: alle wichtigen Stationen bezüglich des Rotterdamer Modernismus, aufgelistet von 1840 (modernstes Krankenhaus Europas und Erste Schritte Optimierung Frischwassersystems Innenstadt) bis 1963 (letzte städtebauliche Erweiterung Rotterdams wobei die CIAM-Grundbedingungen führend waren, bevor die schiere Masse an neue Wohnungen Leitmotiv wurde).   


Een staat van permanente verandering betekent niet per definitie vooruitgang

De ontwikkeling van de stinkende, onhygiënische en lawaaierige boomtown van eind negentiende - begin van de twintigste eeuw naar het moderne Rotterdam van nu, heeft een eeuw geduurd. Het is onzin dat, zoals tegenwoordig te pas en te onpas maar beweerd wordt, het moderne Rotterdam vanaf de Tweede Wereldoorlog is ontstaan.

Zonder de geschapen voorwaarden, de geestehouding en de 'grote mannen' van voor en tijdens de oorlog, was het na-oorlogse Rotterdam zoals wij het nu kennen en meemaken, niet van de grond gekomen.

Beperkte historische context handig?

Hoewel dat beperken van de duur van de historische context misschien handig kan zijn bij het kunnen slopen van vooroorlogse gebouwen, straten of buurten omdat ze nieuwere, hogere of leukere gebouwen in de weg staan. Dus wanneer een historische en/of architectonische context in de besluitvorming  bewust of onbewust buiten beeld kan blijven..

De gang van zaken rond Tuindorp Vreewijk, de Robert Owenstraat of De Kuip, of in een verder verleden Tuindorp Heijplaat, zijn hiervoor illustratief (zeker in relatie tot bijvoorbeeld de bijna kwart miljard euro die min of meer achteloos werden uitgegeven voor het instand houden van de ss 'Rotterdam' door - nota bene! - een woningbouwcorporatie).

Dat kortstondige, lokale successen zoals het snel en pijnloos mogen slopen van een bestaand object voor verantwoordelijken van een bouwproject een plezierige factor kunnen zijn is evident. Dat deze houding uiteindelijk zal leiden tot een verschraling en uitholling van 'Rotterdam Architectuurstad' evenzo. Ter overdenking daarom hier een citaat uit een recent artikel in het Financieele Dagblad van professor Heertje, econoom, schrijver en publicist:

'In de publieke sector worden beslissingen over de ruimte genomen op basis van wat men noemt rationele calculaties van financiële opbrengsten van bedrijfsterreinen, havens, woningen en kantoorgebouwen. Omdat de betekenis van niet reproduceerbare goederen als unieke natuurgebieden en historische gebouwen niet calculeerbaar is, worden deze componenten van de welvaart in de verschraalde besluitvorming als irrationeel terzijde geschoven. 

De kwaliteit van het bestaan van huidige en toekomstige generaties wordt hierdoor bedreigd!'

Echte argumenten versus opportunisme

Uiteraard zullen er altijd speciale stiuaties bljven bestaan bij het slopen van objecten met een grote architectonische, symbolische en/of emotionele waarde wanneer deze de ontwikkeling van de stad in de weg staan.

Zoals recentelijk het Centraal Station van Van Ravesteijn moest wijken voor een nieuw station, simpelweg omdat het volledig uit zijn voegen barstte vanwege de enorm toegenomen aantallen reizigers en verkeersbewegingen. Hier liggen echter tal van reële en valide argumenten ten grondslag aan de besluitvorming, in plaats van alleen maar 'poen' of 'ouwe troep' of 'ego'. Hier gaat het echt over 'visie' of 'vooruitgang'.of 'wissel voor de toekomst'.

Om deze reden is op de volgende pagina's een opsomming geplaatst van vergelijkbare momenten uit het verleden met gevolgen voor de kwaliteit van de toekomst van stad en bewoners.

Directe verbinding tussen Interbellum en Wederopbouw

Met name bij het Nieuwe Bouwen tijdens het Interbellum zijn niet alleen de gebouwen in de stad architectonisch belangrijk, maar ook de historische en de sociale context waarbinnen deze gebouwen te plaatsen zijn. In Rotterdam is die voor- en na-oorlogse relatie overduidelijk.

Denk hierbij aan naoorlogse Zuidelijke Tuinsteden als Zuidwijk, Pendrecht en Lombardijen of wijken als Kleinpolder Oost & - West en Alexanderpolder-Lage Land in relatie tot vooroorlogse wijken/buurten als Tuindorp Vreewijk, Tuindorp Heijplaat, Spangen/Tussendijken en Bloemhof. Ongeacht het tijdvak springen de verschillende benaderingen van hetzelfde probleem – menswaardige huisvesting voor minder verdienenden – in het oog.

Van kwaliteit naar massaliteit

De bij het Bauhaus in Dessau en later bij Willem van Tijen (een architect die voor, tijdens en na de oorlog belangrijk was in en voor Rotterdam), opgeleide Lotte Stam-Beese zal vanaf 1946 een grote rol spelen bij de ontwikkeling van wijken als Overschie-Kleinpolder Oost, Overschie Kleinpolder-West, Pendrecht, Hoogvliet-Westpunt, Alexanderpolder-Het Lage Land en in Ommoord. Waarbij deze laatste wijk een overgang zal vormen naar de wederopbouw-wijken waarbij kwaliteit gaandeweg ondergeschikt zal worden aan massaliteit.

Cornelis van Traa, de ontwerper van 'Het Basisiplan voor de Wederopbouw van Rotterdam' toonde met haar aanstelling ook hier over een vooruitziende blik te beschikken! De basis vormen altijd de personen, opleidingen en gaandeweg verworven inzichten van voor en tijdens de oorlog.

'Zonder verleden geen toekomst' luidt een gezegde. Rotterdam is arm aan monumenten, maar rijk aan monumenten van Het Nieuwe Bouwen, zo zij hier dat gezegde geparafraseerd 'zonder dat erfgoed een mindere toekomst'.

 

 

^
UA-70918004-1